Molens in Schiedam

De Noletmolen 

De Noletmolen is de hoogste molen ter wereld. Met een hoogte van ruim 42 meter en inclusief de aerodynamische wieken 55 meter, torent hij boven de stad uit en vormt hij een moderne aanvulling op de beroemde rij historische stellingmolens.
De Noletmolen is de jongste molen van Schiedam en tegelijk een van de meest opvallende. In opdracht van de familie Nolet. Deze Schiedamse familie is al generaties lang verbonden met de stad en staat wereldwijd bekend om Ketel One, een van de bekendste jenevers en vodka’s ter wereld. 
Met de bouw van de molen wilde de familie het rijke molenverleden van Schiedam eren, maar dan in een moderne vorm.

Hoewel de Noletmolen eruitziet als een klassieke stellingmolen, is hij van binnen volledig modern. In tegenstelling tot de oude molens wordt hier geen graan gemalen, maar gebruikt men de wind om duurzame energie op te wekken voor de distilleerderij.
De Noletmolen laat zien hoe het rijke molenverleden van Schiedam op een eigentijdse manier wordt voortgezet. De molen is niet te bezoeken, maar is wel een opvallend herkenningspunt en een mooi voorbeeld van hoe traditie en innovatie samenkomen in de stad.

Zou je graag een kijkje willen nemen hoe dit hele proces gaat?
In het Nationaal Jenevermuseum komt dit hele proces tot leven. Het museum is gevestigd in een voormalige branderij en laat stap voor stap zien hoe jenever werd gemaakt, van graankorrel tot eindproduct. Je ziet originele distilleerketels, gereedschappen en opslagruimtes en krijgt een goed beeld van het zware werk dat hierbij kwam kijken.

Het museum vertelt niet alleen het technische verhaal, maar ook het menselijke verhaal: over de arbeiders, molenaars en distilleerders, en over families zoals de Nolets, die een belangrijke rol speelden in de ontwikkeling van de industrie. Een bezoek aan het Jenevermuseum maakt duidelijk hoe nauw molens, branderijen en de stad zelf met elkaar verbonden waren.

Voor bezoekers vormt het museum een perfecte aanvulling op een wandeling langs de molens. Waar je buiten de indrukwekkende bouwwerken ziet, begrijp je binnen pas echt waarom ze zo belangrijk waren voor Schiedam.

Molen De Walvisch 

Molen De Walvisch werd oorspronkelijk gebouwd in de 18e eeuw en maakte deel uit van het uitgebreide netwerk van molens dat Schiedam rijk was. In die periode telde de stad tientallen molens, die gezamenlijk de motor vormden achter de jeneverindustrie. De Walvisch was specifiek gericht op het malen van graan, een cruciale grondstof voor zowel branderijen als bakkerijen.

Door de toenemende bebouwing in de stad werden molens steeds hoger gebouwd om voldoende wind te kunnen vangen. De Walvisch is daar een goed voorbeeld van. De hoogte en ligging maakten het mogelijk om efficiënt te werken, zelfs in een dichtbebouwde stedelijke omgeving. Dit verklaart waarom Schiedam vandaag de dag bekendstaat om de hoogste traditionele windmolens ter wereld.

Met de komst van stoommachines en later elektrische aandrijving verloor De Walvisch zijn oorspronkelijke economische functie. Net als veel andere molens raakte hij in verval. Toch bleef de historische waarde van de molen erkend, waardoor hij uiteindelijk werd gerestaureerd en behouden voor de stad.

Tegenwoordig is De Walvisch weer regelmatig toegankelijk voor bezoekers. Binnen zie je hoe ingenieus het maalwerk in elkaar zit en hoe zwaar het werk van de molenaar was. De stelling biedt een indrukwekkend uitzicht over Schiedam en maakt zichtbaar hoe nauw de molens met elkaar verbonden waren in het stedelijke landschap.

Molen De Palmboom 

Molen De Palmboom neemt een bijzondere plaats in binnen het molenerfgoed van Schiedam, omdat deze molen een duidelijke museumfunctie heeft. De molen werd gebouwd in de 18e eeuw en was volledig ingericht op de productie voor de jeneverindustrie. In de directe omgeving bevonden zich pakhuizen, opslagplaatsen en branderijen, waardoor De Palmboom onderdeel was van een groter industrieel complex.

De molen werkte niet op zichzelf, maar was een schakel in een uitgebreid productieproces. Graan werd hier gemalen, opgeslagen in het pakhuis en vervolgens verwerkt in nabijgelegen branderijen. Deze samenhang maakt De Palmboom tot een van de beste plekken om te begrijpen hoe de jeneverindustrie in Schiedam functioneerde.

Na het verdwijnen van de oorspronkelijke industrie verloor ook De Palmboom zijn functie. Dankzij restauratie en herbestemming kreeg de molen echter een nieuw leven als museummolen. Vandaag de dag staat De Palmboom niet alleen symbool voor het molenambacht, maar voor de volledige industriële geschiedenis van Schiedam.

Bezoekers krijgen hier inzicht in:

  • het technische vernuft van de stellingmolen
  • de fysieke arbeid van molenaars en arbeiders
  • de rol van molens binnen de jeneverproductie
  • de economische impact van deze industrie op de stad

Samen met het aangrenzende pakhuis vormt De Palmboom een van de meest complete historische locaties van Schiedam. Het is een plek waar techniek, arbeid en stadsontwikkeling samenkomen en waar het verleden voelbaar dichtbij komt.